Feestdagen
Is het u ook opgevallen dat de reclamewereld zich steeds meer onttrekt aan de tegenstelling tussen Sinterklaas en Kerstmis en Oud-en-Nieuw? Vroeger gingen nogal wat winkelklanten op hun strepen staan als het ‘feest’ van hun voorkeur -toen vaak nog één van de drie- te weinig commercieel aandacht kreeg zowel op geestelijk als op culinair gebied. Mijn vader rekende er altijd op jaarlijks van de goede Sint een smakelijke palingworst te krijgen, maar wist ook heel goed wat de bisschop van Myra allemaal aan wonderen had verricht en waaraan die zijn reputatie te danken had. Mijn moeder kon niet goed zingen, maar geloofsbevorderende kerstliederen zong ze diepontroerd met ons mee, desnoods tijdens haar werkzaamheden in de keuken. Zelfs ‘van oud op nieuw zitten’ ging niet alleen met drankjes, koekbeschuiten, kaarten, bordspellen, zoenen en wensen gepaard maar ook met knielen en bidden. Men maakte onderscheid tussen ‘de feestdagen’ en wist daar meestal de achtergrond van. Er zat nogal wat onderscheid tussen het sprookjesachtige fictie-verhaal rond Sinterklaas en het oorspronkelijk historische maar door de evangelisten gevarieerd vertelde verhaal van Jezus’ geboorte. En de jaarwisselingsviering had in de loop der eeuwen ook een heel eigen achtergrondsbeleving en vormgeving. Maar de reclamewereld probeert tegenwoordig geen enkele klant minder te krijgen door in te spelen op iemands voorkeur en houdt het dus maar bij de buitenkant.
Genealogie
Sommigen van mijn familie -niet allen!- zijn geïnteresseerd in ons voorgeslacht, vooral dat van onze moeder. Een van haar kleinkinderen wil zelfs iets gaan schrijven haar negentiende eeuwse voorvader, Jacob Blom, die burgemeester van Westwoud is geweest en mijn oma’s grootvader. Met die oma heb ik vroeger nog veel contact gehad maar ik herinner me niet dat ze graag over haar ‘vooraanstaande’ opa vertelde. Op Google kun je nog heel wat over hem en over ‘zijn’ Westwoud terugvinden, want hij was nog een echte Swiebertje- en Saartje-burgemeester die zichzelf niet bepaald onderschatte. Er werd in die tijd nog erg op staat en stand gelet en als je de Westfriese boerenstand wil leren kennen, is hij een goed voorbeeld want in Westwoud ging boer zijn en burgemeester volop samen. Hij bezat zelf twee boerderijen -een voor hem en een voor zijn oudste zoon- en probeerde zo lang mogelijk tegen te houden dat de trein van Amsterdam naar Hoorn over zijn land werd doorgetrokken naar Enkhuizen omdat dan zijn koeien minder melk zouden leveren als de trein langskwam. Hij had zeven kinderen -van wie er twee vroeg stierven- en zorgde dat zijn twee zoons, maar ook zijn drie dochters, trouwden met een echte boer(in) op een eigen boerderij. Oude tijd met gelukkig volledig verouderd standsverschil.
Eten
Veel alleenwonenden zoals ik laten tegenwoordig hun warm -ik bedoel: op te warmen- eten aan huis bezorgen. Maar ook veel meer mensen doen mee aan de klimaatgevoelige rage om zelf te koken als hobby en om nog meer te eten volgens eigen voorkeur. De kranten, tijdschriften en tv-programma’s spelen daar vaak uitgebreid op in. Zelf krijg ik mijn maaltijden ook thuisbezorgd en tot mijn verbazing stonden er op de bestellijst verschillende mogelijkheden om via de bezorgdienst je ook van een heerlijk kerstdiner te verzekeren. Aardappels schillen heb ik vroeger als kind van een groot gezin zoveel keer moeten doen -meestal gelukkig samen met een van mijn zusjes- dat ik mede daardoor graag naar het seminarie ging om daarvan verlost te zijn. Maar ere wie ere toekomt: zoals heerlijk als mijn vader ze kweekte en mijn moeder ze kookte krijg ik ze tegenwoordig nooit meer geleverd. Wat dat betreft ben ik in mijn jeugd beproefd maar ook verwend.
Lezen
Bij alle voordelen van het ouder worden horen ook de nadelen. Bij mij zijn dat: vergeetachtigheid, pijn bij het lopen (de ene dag erger dan de andere), zenuwachtigheid voor afspraken, geheugenverlies, achteruitgaand gehoor, smaakverlies en zo nog wel honderden kleinigheden die wel meevallen. ‘Toen ik alles nog kon’ staat er dan -nogal opschepperig- boven een rouwadvertentie. Gelukkig kan ik sinds mijn nieuwe bril nog goed lezen. Zo vond ik in mijn boekenkast bij mijn ongelezen boeken de volledige uitgave in drie delen in het Nederlands van de Oude Geschiedenis van de Joden door Flavius Josephus. Deze tijdgenoot van Jezus schreef -als Jood uitstekend geïnformeerd- uitgebreid over de tijd van het Oude Testament toen hij zich tot de Romeinse keizer had bekeerd en in Rome was gaan wonen om die te dienen met zijn schrijverij. Ook Jezus’ tijd en optreden komen aan bod, maar veel wetenschappers denken dat die gedeelten later door christenen zijn ingevoegd. Voor mij is het vooral boeiend zijn benadering (echt historisch, maar de keizer moest tevreden zijn) naast die van de bijbelschrijvers (geloofsverkondigend) te zetten. Het is een wonder dat we ook deze teksten uit de eerste eeuw van onze jaartelling beschikbaar hebben. En nog wel in een prima Nederlandse vertaling! Mijn bril komt goed van pas!
Hoevinudie?
Liefde hoeft niet perfect te zijn. Zolang ze maar echt is.
(kalenderblaadje)