Achterom – Israël een staat? – Herfst – Hoevinudie?

Achterom – Israël een staat? – Herfst – Hoevinudie?

Achterom

De Hoorn-Noordse hoofdstraat waar wij wonen, de Johannes Poststraat, is al maandenlang in renovatie. Niet alleen het wegdek maar ook de riolering, de bomenvoorziening, de trottoirs en de elektriciteits- en internetsverbindingen waren dit jaar aan de beurt. Intussen is de meer dan halve lengte van de straat vakkundig aangepakt, opgeknapt, vernieuwd en gemoderniseerd. Van de week kregen we bericht dat in de eerste twee maanden van het komende jaar de rest zal worden afgewerkt en dat daar het tijdelijk stilleggen van het verkeer van het gedeelte tussen de Loniusstraat en de Adriaan Boomstraat voor nodig is. Voor het verkeer betekent dit het gebruik maken van een soort Achterom van het uitvaartcentrum (voormalig Engelbewaarderskerk) om van het ene deel van de straat met fiets of auto op het vervolgdeel van onze straat te komen, wat vooral voor uitvaartbezoekers nogal lastig is. Met houten panelen is de grasstrook belegd zodat het rijpad netaan breed genoeg is. Gelukkig is alles tijdelijk en is onze tuin (met garagepad en vruchtboompjes) tot nu toe ongeschonden gebleven. Zoiets vraagt wel wat aanpassingsvermogen. Teken van leven!

Israël een politieke staat?

Schreef ik u in oktober over twee theologen-kerkhistorici, nu -in november- wil ik aan u graag iets kwijt over twee theologische boeken die ik kortgeleden op het spoor kwam en met aandacht gelezen heb. Het een is een veel leestijd vragende pil van ruim tien jaar geleden (Skandalon 2013) ‘De Tragedie voorbij’ van de Brabantse biblicus Karel Hanhart over de structuur (als van een Griekse tragedie) van het evangelie van Marcus. En het ander is een zeer makkelijk leesbaar en onlangs actueel geworden boekje van de Nederlandse -protestantse- patristicus Hans van Oort (AUP 2025) die nauwkeurig heeft nagezocht of er in de teksten van het zgn. Nieuwe Testament enige aanwijzing is te vinden dat Jezus in zijn boodschap iets van een politieke staat Israël zou hebben gewild. Quod non, daar is de schrijver uiterst stellig in.
Mij interesseerden beide boeken omdat ze een antwoord proberen te geven op de vraag of er na de verwoesting van de tempel en de stad van Jerusalem door de Romeinen in het jaar 70 (n. Chr.) een voortzetting van de Joodse cultuur is geweest -behalve in de synagogen- in de uiteindelijk christelijk geworden cultuur van de Romeinse overheersing, die in de middeleeuwen via Paulus en Augustinus (en zelfs Luther) werd uitgewerkt (voortgezet?) in de katholieke kerk zodat daar -ook nu nog- de Latijns-Griekse cultuur de overhand kreeg. Beide boeken beantwoorden deze vraag via het oudste evangelie, dat van Marcus, en de uitwerkingen daarvan. Hanhart leest Marcus als een literair product met de vormgeving van de Joodse midrasjim en de indeling van de Griekse tragedie, Van Oort gaat alle N.T.-geschriften langs om een eventuele verwachting van een door Jezus bedoelde politieke staat Israël te detecteren.
Met nadruk wordt er in beide boeken bevestigd dat een ‘aardse’ staat Israël nooit Jezus’ bedoeling is geweest en op een misverstand berust. De beide schrijvers -zeker Van Oort- zijn, hoe deskundig en nauwkeurig ook, wel erg zeker van hun subversieve standpunt.

Herfst

Ik ken mensen die in de herfst meer geneigd zijn in een bos te gaan lopen, wandelen of joggen dan in de zomer. Lekker spelen, trappen en/of schoppen met gevallen bladeren in allerlei kleurschakeringen die je bewondert maar tegelijkertijd ook hun plaats wijst. Het is een soort levensvreugde die die van de ongezeglijke zomer met zijn trotse zelfvoldaanheid ruimschoots te boven gaat. Een beschermende regenjas geeft je warmte genoeg en een paraplustok komt je van pas bij prikneigingen. Een fikse stormwind verhoogt je plezier en je gezondheid wordt er meer gediend dan op een schaatsbaan. Elk seizoen heeft zijn charme maar de herfst is de meest geslaagde concurrent. Of is dit een oudemanspraatje van iemand die probeert nog wat troost te vinden in een leven vol vallende bladeren?

Politiek

De kwestie Weijers is koren op de wantrouwmolen. Dat krijg je ervan als (oud)politici door gretig lekzoekende journalisten betrapt worden op privé-uitingen in kleine kring die een heel andere toon laten horen dat waar ze in het openbaar mee komen. Als een informatieverantwoordelijke -meestal de leid(st)er van de grootstgeworden partij na de verkiezingen- een voorstel doet iemand tot informateur aan te stellen, mag je toch veronderstellen dat zo’n dubbelsprekend figuur grondig onderzocht en niet geschikt bevonden is. Volgens mij zijn niet journalisten lekschuldig -zij doen hun werk- maar degenen die de voorgestelde figuur -die zichzelf ten onrechte beschikbaar heeft gesteld- onvoldoende hebben nagespeurd. Ik ben blij dat ik niet op Jetten heb gestemd. Hij heeft met zijn keuze koren op de molen van het wantrouwen tegen politici gegooid. Terwijl dat toch al -misschien overmatig- groot is. Wijers’ excuses maken dat niet goed. Waar blijven Jettens excuses?

Hoevinudie?

Het leven kan alleen achterwaarts begrepen worden, maar het moet voorwaarts worden beleefd.
(Sören Kierkegaard)